maandag 1 augustus 2016

Lize Spit – Het smelt


‘Het smelt’ is het romandebuut van Lize Spit. De kritieken waren terecht positief, want het is een geweldig boek. De bijna 500 pagina’s vervelen nergens. Los van de universele thema’s als opgroeien in een liefdeloos gezin en een jeugdvriendschap die niet standhoudt, is ‘Het smelt’ een spannend boek. De spanning zit erin dat Spit steeds een klein gedeelte prijs geeft van wat er in het verleden is gebeurd, maar de spanning komt ook voort uit de grote harmonie in de opbouw van boek.


Eva is 27 jaar en woont in Brussel. Zij krijgt een uitnodiging voor een herdenkingsfeest voor Jan. Jan was de broer van Pim, een jeugdvriend van Eva. Hij kwam om het leven toen zij een kind was. Samen met Pim en Laurens vormde Eva de drie musketiers in het kleine dorp Bovenmeer. In de zomer van 2002 viel hun vriendschap wreed uit elkaar.

Eva besluit naar het ‘feest’ te gaan. Spit beschrijft in korte hoofdstukken de rit erheen. Zij ziet de straten en huizen terug die zij vele jaren niet meer zag. Zij bezoekt het huis van haar ouders, die hun roes liggen uit te slapen. Deze hoofdstukken worden afgewisseld met een chronologie van de zomer van 2002 en met hoofdstukken eromheen die in de tijd verspringen.

Deze structuur lijkt complex, maar het leest uitermate vloeiend. Het knappe is dat er telkens een lacune valt in wat je weet over een persoon of gebeurtenis. En dat deze telkens maar ten dele wordt opgevuld, alvorens er een nieuwe lacune ontstaat. Je blijft lezen. Een van de vragen is waarom Eva op weg naar Bovenmeer een groot blok ijs in de achterbak van haar auto heeft liggen.

In het dorp woonden weinig kinderen. In het jaar dat Eva naar school ging bestond de klas slechts uit drie kinderen: Eva, Pim en Laurens. Zij kregen een aparte status op school en trokken altijd samen op. Dat Eva een meisje was speelde pas een rol toen zij ouder werden. “Ik had iets dat zij niet hadden. Dit zouden postzegelverzamelaars een groot voordeel vinden, maar in mijn geval was het enkel ongunstig.”

In de zomer voordat zij naar de middelbare school gaan valt zij steeds meer buiten hun jongenswereld. De twee krijgen belangstelling voor seks en meisjes. Eva zien zij als een hulpje bij hun experimenten. De dood van Jan ligt zeer gevoelig. Het is geen gespreksonderwerp. Evenmin praat Eva over haar thuis.

Eva’s ouders zijn alcoholisten. Wanneer vader thuiskomt is de sfeer op slag gespannen. De moeder weet niets beters te doen dan hem te volgen. Met kerst staat de fondue op tafel. Moeder probeert vader bij te benen. “Dat was de enige manier om elkaar achteraf niets te gaan verwijten: de hele avond precies even dronken blijven.”

Zij tonen weinig belangstelling voor hun drie kinderen. Tesje, de jongste, wordt ingezet om kratten bier te sjouwen. Meestal speelt zij met zichzelf, bijvoorbeeld monopoly. Het gaat niet goed met haar. “Ik had wel al een vaag vermoeden; naast haar excessieve overwinningsdrang bij Mijnenveger deed ze er ook steeds langer over om van school thuis te komen.” De deurklink moet vele malen aangeraakt worden. Handelingen moeten volgens een exact schema verlopen, anders gaat het mis. Uiteindelijk zit Tesje op een niet aangesloten computer eindeloos te tikken.

De oudste broer onttrekt zich aan het gezin. Hij zwerft rond en onderzoekt de natuur. Eva ontfermt zich over Tesje, maar staat vrijwel machteloos. 19 juli 2002: “Behalve Tesje is er niemand thuis. Vader is gaan werken; Jolan is weer de velden in getrokken en van mama blijft alleen over wat ze met slaappillen niet weggevaagd krijgt.”

Eva zoekt steun bij het driemanschap. De weddenschappen met meisjes beginnen onschuldig. Eva kan niet anders dan meedoen. Zij krijgt de rol van scheidsrechter en durft niet te weigeren. De enige die het verdriet bij Eva ziet is de moeder van Laurens. Maar als Eva denkt betrapt te zijn door haar bij een gênante gebeurtenis is  de liefde over. Erover praten doen zij niet.

Eva’s wereld als kind draait om vertrouwen verwerven. Bij de jongens vindt zij dit niet meer, thuis ook niet. Zij trekt een tijdlang op met een nieuwe klasgenote, Elise. Eva helpt haar bij een raadsel, krijgt hier niets voor terug. De vermeende vergiftiging van het paard van Elise – waarschijnlijk een gedachtespinsel – werkt nu tegen haar.

Zo is Eva niet alleen het slachtoffer. Een juf waar zij vertrouwen in heeft en die zij een tijdje als beschermengel koestert, verraadt zij later. Haar zus Tesje onderwerpt zij aan een spelletje waarbij zij samen zolang mogelijk kou moeten trotseren. Het helpt hen niet.

Het mooie van de manier van vertellen van Spit is dat je niet helemaal zeker wat Eva zich soms inbeeldt en wat er ‘werkelijk’ gebeurt. Je kunt haar zien als deels medeplichtig aan de dingen die de twee jongens uitspoken. Eva beschouwt hen als de jeugdvriendjes die zij niet meer zijn en wil hen niet verliezen.

Bij volwassen worden veranderen mensen en omstandigheden. Eva trekt dit niet. De verschuiving laat Spit op schitterende wijze zien. Het is knap hoe zij telkens een nieuw element van spanning toevoegt: de waarheid over Jans' ongeluk, het ziekteverloop bij Tesje, welke kant kiest Elise en waar eindigen de seksspelletjes van de jongens?

Op de achterflap van ‘Het smelt’ wordt gesproken over wraak op een heel dorp. Dit is naar mijn idee niet het hoofdthema. Het is misschien wraak op het hele leven wat Eva zou willen nemen, maar meer nog het noodlottige aan opgroeien, aan het loskomen van een verziekte jeugd.


“Als het klopte wat Jolan had beweerd, op die ochtend nadat ik op vaders bevel het huishouden van alle scherpe voorwerpen had ontdaan om mama tegen zichzelf te beschermen en hij heel demonstratief zijn boterham met een lepel besmeerde, dat mensen nooit per se geheel dood willen maar gewoon een uitweg zoeken uit dat ene leven…“. Deze uitweg vond Eva voorlopig door te verhuizen naar Brussel; nu keert zij terug naar haar geboortedorp, met een blok ijs.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten