woensdag 3 augustus 2022

Sander Kollaard – Levensberichten


 

Sander Kollaard won weliswaar in 2014 met zijn debuut, de verhalenbundel Onmiddellijke terugkeer van uw geliefde, de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs, maar bij het grote publiek werd hij pas bekend toen hij in 2020 de Libris Literatuurprijs won met de korte roman Uit het leven van een hond. Kollaard woont in Zweden en heeft een bescheiden oeuvre. Levensberichten is een verhalenbundel uit 2018.

 

De zes verhalen in de bundel zijn stuk voor stuk bijzonder. Het eerste verhaal is qua opbouw traditioneel: een oude man bezoekt nog eenmaal zijn geboorteplaats Den Helder. Op weg erheen vraagt hij zich af waarom hij deze reis maakt. Hij is al decennia niet in Den Helder geweest. Het wordt al gauw duidelijk dat er zich een drama heeft afgespeeld. Het verhaal is enigszins nostalgisch en gaat ook over de onbetrouwbaarheid van herinneringen. De spanning zit niet zozeer in dat je wilt weten wat er is gebeurd in Den Helder, maar deze zit echt in het taalgebruik van Kollaard. Iedere zin klopt en doet verlangen naar de volgende zin.

 

De meeste verhalen in de bundel zijn min of meer levensbeschrijvingen van kunstenaars of schrijvers. Sommige stukken lijken zo uit een essay te komen. Het verhaal ‘Leven en werk van Ivan Aguéli (1869-1917)’ begint met een genummerde opsomming van een aantal opmerkelijke zaken uit zijn leven. Je kunt eruit afleiden dat deze schilder een uitzonderlijke persoon was. Hij was een Zweed die in acht verschillende landen heeft gewoond en gewerkt en drie verschillende namen had. Ik kende hem niet en zocht direct op in hoeverre deze feiten kloppen. 

 

Een ander verhaal, ‘De vrijwel volledige vernietiging van ons leven’, gaat over Weemoed Mausoleum. Een schrijver die niets anders deed dan schrijven. Dagelijks uren achtereen legde hij zijn leven vast. Hij deed steeds minder om verslaglegging mogelijk te maken. In 1997 vertrok hij per boot naar Stockholm en verdween. De verteller, die hem persoonlijk kende, wil jaren later achterhalen wat er met hem is gebeurd en volgt dezelfde reis, waar de schrijver nog wel verslag van heeft gedaan. Het is een schitterend verhaal, maar geheel fictief.

 

Bij Kollaard is het onderscheid fictie en feit van geen belang. De rode draad in de verhalen is misschien de ongrijpbaarheid van een persoon of personage. Mensen nemen verschillende identiteiten aan en opereren onder diverse namen. Herinneringen en verzinsels lopen in elkaar over. Ons geheugen is per definitie onbetrouwbaar. Wij verzinnen ons verleden en daarmee ons leven, lijkt de boodschap te zijn. Het is geen wonder dat de Portugese dichter Pessoa in een van de verhalen een hoofdrol speelt. Hij had vele heteroniemen, leefde teruggetrokken en schreef heel veel: werk dat pas na zijn dood werd uitgegeven. Kollaard haalt Pessoa aan met een uitspraak over de schijnbare opeenvolging van gebeurtenissen en de samenhang van bijvoorbeeld een stad die we zien als één geheel. Wat hij zegt sluit nauw aan bij het thema van de bundel: “dat een ware, werkelijke samenhang een ziekte van het denken is.” Een tweede citaat ter afsluiting. In een brief schrijft hij: “Morgen treffen wij elkaar, maar ik weet niet of je me zult herkennen, want het kan zijn dat ik me verkleed als lotenverkoper, kalfsschenkel of kapotte kar.” Kortom, redenen te over om deze bundel te lezen.

Geen opmerkingen: