Adriaan van Dis heeft een heerlijke voorleesstem; ik luister zijn boeken daarom liever dan dat ik ze lees. In Alles voor de reis schrijft hij over het afscheid van zijn vriendin. Achtendertig jaar had hij een relatie met Eefje, terwijl zij ook een relatie met een ander had: ‘die ander’, zoals Van Dis hem noemt. Hij zit aan haar bed in het hospice en samen reizen zij naar verleden, denken terug aan hun gezamenlijke uitstapjes, hun werk voor de televisie en zijn vlucht naar Parijs. En altijd was er toch die ander.
Eefje was tv-producent en werkte voor de VPRO. Daar leerden zij elkaar kennen. Van Dis heeft in het openbaar altijd gezwegen over zijn relatie met haar. En zelfs in zijn boeken liet haar hij haar niet toevallig ergens opduiken. Zij las zijn manuscripten en schrapte passages waarin zij meenden zichzelf te herkennen. Alles voor de reis is een ode aan zijn geliefde en levensgezellin. Van Dis beschrijft de dagen naast haar bed, de kleine hapjes die zij eet en de stiekeme glaasjes wijn die zij samen drinken. Dan gaan ze samen op reis, naar de eerste keer dat zij elkaars geliefden werden of naar Frankrijk, op zoek naar James Baldwin, die zij graag in zijn boekenprogramma wilde hebben. Ze vonden hem in 1987 niet in het Franse Saint-Paul-de-Vence, waar hij in datzelfde jaar zou overlijden.
Aan het begin van het boek denk je nog dat deze driehoeksverhouding door alle drie acceptabel is, maar later hoor je dat Eefje voortdurend loog over waar zij uithing. Zogenaamd was zij met studievriendinnen van vroeger aan de Franse kust, maar ze zat in Parijs bij Adriaan. Hij was daarheen verhuisd om een breuk te forceren. Hij wilde haar, maar deze relatie wilde hij liever niet. In plaats van de afstand die hij verwachtte kwamen zij juist dichter bij elkaar. Ze belden eindeloos en al snel kwam zij eenmaal per maand een weekje langs. In Parijs noemde zij haar zijn vrouw wanneer zij door Parijs dwaalden, in buurtcafétjes wat dronken en zij haar opwachting maakte bij zijn Shakespeare-leesclub, waar zij vervolgens de show stal. De leden van de club gaven haar een ovatie voor haar voordracht en men vroeg zich af waarom zij nooit iets met dit talent gedaan had. Van Dis beschrijft zijn vriendin hoe zij was: altijd op de achtergrond, als producent stond zij in dienst van anderen, terwijl zij eigenlijk een groot talent voor acteren had.
Naar het einde toe wordt het verhaal steeds pijnlijker, je hoort dit aan de stem van Van Dis. Niet alleen verzwakt zijn geliefde iedere dag wat meer, maar haar dood laat weer zien hoe lastig hun driehoeksverhouding was. Beide mannen spraken niet op haar crematie, maar Van Dis geniet er wel van om nog even te melden dat hij iets meer van haar as in bezit heeft. En aan het einde van haar leven gaf Eefje op een gegeven moment aan dat zij eigenlijk meer bij elkaar pasten, maar daar was niets meer aan te veranderen want ze was nu eenmaal met die ander getrouwd.
De opbouw van Alles voor de reis en de manier van voordragen maken het een ontroerend boek. Het verhaal is uiteraard autobiografisch maar Van Dis weet heel goed hoe je literaire spanning in een verhaal brengt. Zelf zegt hij in het nawoord hierover: ‘Alles is waar behalve wat ik heb verzonnen. … Om ruimte geven aan de magie, heb ik de werkelijkheid meer dan eens op reis gestuurd.’

Geen opmerkingen:
Een reactie posten