zondag 20 september 2026

Nicolien Mizee – Altijd blijven groeten


Bij het verschijnen van ieder nieuw boek van Nicolien Mizee ren ik naar de boekwinkel om het aan te schaffen. Altijd blijven groeten bevat columns die zij schreef voor Trouw en NRC. Een deel had ik al gelezen, maar het is geen straf deze columns een tweede keer te lezen. Ze schrijft over wat zij meemaakt en hoe zij hierop reageert. Nooit schrijft ze over politiek of de wereldproblematiek. Haar verhalen gaan altijd over haarzelf. 

Na het lezen van de zeven faxenboeken heb ik het idee dat ik Mizee wel een beetje ken. Zij is volgens mij bijzonder intelligent, wat dat ook mag betekenen, maar sommige dingen die voor anderen makkelijk zijn, beheerst zij in het geheel niet. Zo schreef zij eerder in Daaalgast dat zij geen richtinggevoel heeft, en dan ook helemaal niet. In een column schrijft ze dat zij wordt uitgenodigd door een Antwerpse boekhandel en hier beginnen de moeilijkheden al. Ten eerste ligt Antwerpen in het buitenland, waar je niet gewoon met je Nederlandse OV-kaart heen kunt reizen. Online lukt het haar een kaartje te kopen voor de heenreis en de terugreis, maar op het geprinte kaartje van de terugreis staat geen stoelreservering. In paniek belt zij het nummer van NS-internationaal, dat alleen voor spoedgevallen is bedoeld. Een aardige meneer vertelt haar dat ze op de terugreis iedere trein mag nemen. Mizee is verguld, maar er rest nog één probleem: hoe vindt zij de weg naar de boekwinkel. De man reikt haar een simpele oplossing aan: vraag of ze je komen afhalen vanaf het station. Zij kan wel juichen, want aan zoiets simpels had zij nog nooit gedacht.

Reizen is iets waar zij niet van houdt. Ze werkt bij De Groene Vrijwilligers die de in buurt de boel schoonhouden. De meeste vrijwilligers zijn kwieke bejaarden, slank en reislustig. Wanneer iemand vertelt over alweer een buitenlandse reis raakt zij de draad kwijt. Uiteraard heeft zij de berichten van deze man in de groepsapp niet gelezen. Wild gissend in haar hoofd probeert zij te achterhalen waar deze man naartoe is gereisd. Bijzonder geestig kan Mizee over dergelijke kleine gebeurtenissen schrijven. Het zet haar niet aan tot reizen naar het buitenland en zij probeert te bedenken wat hier achter zit: ‘Misschien ben ik gewoon jaloers op al die mensen die ongegeneerd met hun grote platvoeten over de continenten marcheren en een stroom dollars achterlaten.’

Een andere handicap van haar, eentje die andere sociale moeilijkheden kan verklaren is haar onvermogen abstracte teksten te begrijpen, zoals beleidsnota’s, troonredes en proefschriften: ‘zelfs de wijkkrant is in abstracto geschreven’. Je zou dit abstractoanalfabetisme kunnen noemen, maar het syndroom van Mizee vindt zij ook goed. Tot slot heeft zij de neiging zich aan allerlei regels te houden. Zo werd lezen leuker toen zij inzag dat je een boek ook mag wegleggen als je er niks aan vindt. Van een psychiater leerde zij dat je een ruzie niet hoeft bij te leggen: ‘Je hoeft het niet goed te maken met mensen waar je geen zin in hebt.’ Met dit soort tips is zij bijzonder geholpen. 

Geen opmerkingen: