woensdag 20 november 2019

Stephan Enter – Pastorale

Het werk van Stephan Enter kenmerkt zich door precisie. In zijn verhalen en romans beschrijft hij de gedachten en handelingen van zijn hoofdpersonen vaak stap voor stap. Ook de omgeving wordt door hem in detail omschreven. In Pastorale, zijn zesde boek in twintig jaar, is deze precisie het eerste wat mij weer opvalt. Na drie pagina’s werd ik al opgeslokt door het verhaal en de herkenbare stijl van Enter. 

Er gebeurt niet zoveel die eerste pagina’s. Oscar zit in de klas – het voorlaatste jaar van de middelbare school – en hij verveelt zich. Hij staart uit het raam, het is warm en de zomervakantie komt er aan. De lesstof is hem bekend. Oscar denkt vooruit wat hij zal doen na zijn eindexamen. Hij wil weg uit dit dorp en net als zijn zus Louise studeren in de stad. Het verhaal speelt in de jaren tachtig van de vorige eeuw in een gereformeerd dorp. Dat wil zeggen, een groot deel van de bewoners is streng gereformeerd, een ander aanzienlijk deel is van Molukse afkomst. De twee groepen hebben nauwelijks contact met elkaar.

Louise komt vandaag naar huis. Zij heeft een belangrijke mededeling te doen. Oscar gist naar wat het zou zijn. Ondertussen vergelijkt hij zich in gedachten met haar. Uiterlijk lijken zij veel op elkaar, maar innerlijk is er een wereld van verschil. Zij is spontaan, grillig en opstandig. Hij is rustig, intellectueel en planmatig. Doordat hij niet op let in de klas gaat de les aan hem voorbij. De leraar is op zoek naar een vrijwilliger om huiswerk te brengen naar een klasgenoot. Jonkie is een Molukse jongen, die na een ongeluk even thuiszit. Het lot valt op Oscar. Hij moet deze taak volbrengen.

In het tweede hoofdstuk komt Louise aan bod. In het hele boek zijn de hoofdstukken om en om vanuit Oscar en Louise geschreven. Louise arriveert met de trein in het dorp en heeft een vervelende boodschap voor haar ouders. Zij zal lang wachten met hen vertellen wat er aan de hand is en zal de hele zomer in het dorp blijven. Ook in dit tweede hoofdstuk springt de precieze manier van beschrijven op. Louise rijdt met iemand mee met de auto. Haar hoofd zit vol gedachten: over het studentenleven, de mensen hier in het dorp, haar ouders en de godsdienst die zij aanhangen. Ook denkt zij aan haar broertje Oscar. De tocht naar haar ouderlijk huis verloopt tergend langzaam. Zo voelt het. Misschien omdat de tekst bomvol informatie zit. Dat is het knappe aan de manier van schrijven van Enter. Nu ik na het uitleen van de roman de eerste twee hoofdstukken nog eens overlees, besef ik nog meer hoe gevuld deze zijn. Allerlei zaken die later in het boek terugkomen, worden hierin al genoemd. Zo wordt terloops een beroving genoemd, die later een rol in het verhaal speelt. Enter verstopt zo talloze hints in zijn dialogen en in de gedachten van Oscar en Louise.

Pastoraleheeft twee verhaallijnen. De broer komt in aanraking met de Molukse cultuur en raakt verliefd op een meisje. Zijn betrekkelijk overzichtelijke wereld komt hiermee onder druk te staan. De zus zet zich enorm af tegen het geloof. Zij weet niet waar zij naar op zoek is. De studie geeft geen bevrediging en de stad lijkt eveneens haar charme te hebben verloren. Maar in het dorp voelt zij zich ook niet meer thuis. Hoewel dit dubbel is. Zij geniet enorm van de natuur en zij windt zich op over de nieuwbouw in het dorp. Maar de kerkgangers verafschuwt zij. Het vreemde is dat de twee verhalen elkaar nauwelijks kruisen. De broer en zus mogen elkaar erg graag, maar in elkaars hoofdstukken ontmoeten zij elkaar bijna niet. Ik kan mij geen dialoog tussen hen herinneren. Oscar spreekt zich nergens uit over het geloof en Louise heeft geen mening over de Molukkers.

Er zitten wel veel spiegelingen in hun verhalen. Louise sluit vriendschap met een zeer brave jongen, de domineeszoon. Terwijl Oscar veel met Jonkie optrekt, die veel losser in het leven staat dan hijzelf gewend is. De ouders van de twee zijn ook spiegelbeelden. De moeder fanatiek gelovend en actief binnen de kerk. De vader is een studiehoofd; een wereldvreemde man, die amper buiten komt. 

Louise’s gedachten richten zich vaak op de Christelijke opvoeding. Een kind wordt jarenlang voorgelogen. Hoe eerder je je daar van los kunt maken, hoe meer ‘winst’ dat oplevert. Alleen weet zij zelf niet hoe ze deze winst kan verzilveren in haar leven. Zij denkt terug aan haar eigen kindertijd. “Later, denk je, zullen de ondoorgrondelijkheden begrijpelijk worden, zoals bij een ingewikkeld spel waarvan je de regels niet meteen kunt overzien: we moeten het blijkbaar eerst proberen, gewoon beginnen en dan zien we wel. En dus ga je erin me.” 

Van je geloof afvallen – of zoals bij Louise als kind ontdekken dat je voor de gek bent gehouden -  betekent het verhaal van de je leven herschrijven. Daar is Louise al die tijd nog steeds mee bezig. Maar hetzelfde geldt voor Oscar, terwijl het geloof in zijn gedachteleven, ondanks dezelfde opvoeding, bijna geen rol speelt. Hij is niet woedend, zoals zijn zus. Hij is wel nieuwsgierig en bereidt te veranderen, van mening te wisselen.

Hierboven heb ik in grote trekken iets gezegd over de twee karakters en maar weinig over hun verhaallijnen. Dat doe ik ook niet. Ik kan wel zeggen dat het verhaal van de twee jongeren, in die zomer in de jaren tachtig, boeiend en zeer goed is geschreven. Stephan Enter weet spanning op te bouwen, schrijft nergens hoogdravend, terwijl tussen de regels door er heel veel wordt gezegd of juist verzwegen. Het is echt een boek om langzaam te lezen en de beschrijvingen goed tot je te laten doordringen. Er zitten geen mindere passage in Pastorale

Geen opmerkingen:

Een reactie posten