vrijdag 22 juli 2016

Frank Schurink – Gedoemanagement

Onder de grappige titel ‘Gedoemanagement’ schreef Schurink dit praktisch boekje voor mensen die last hebben van gedoe. Wat gedoe is, kun je heel ruim opvatten: dingen die niet gaan zoals je wilt, collega’s die je tegenwerken, teveel emails die je moet beantwoorden, kortom: alles wat stress geeft. Zijn boodschap is dat je het kunt beheersen. Je kunt er mee leren omgaan.


Hiermee is meteen het belangrijkste wat Schurink te zeggen heeft, gezegd. Hij herhaalt het nog een paar keer in andere bewoordingen: je bent zelf het gedoe, je, het is jouw gedoe.

Hij onderbouwt dit punt met onderzoek naar het menselijk brein en naar stress. Gewenste stress en ongewenste stress laten bijvoorbeeld hele verschillende processen zien in ons lichaam. En stress is heel relatief. Onder de zelfde omstandigheden, zoals werkdruk, kunnen mensen totaal verschillend reageren. Interessant is te onderzoeken hoe dit komt.

Schurink verwijst naar de functie van ons oerbrein. Dit is volledig ingesteld op gevaar. In onze huidige maatschappij ontbreekt dit reële gevaar nagenoeg, maar het brein reageert wel vaak alsof er nog gevaar driegt. Dit is de functie van het rode brein, zoals hij het noemt.

Hij put deze ideeën uit boeken van auteurs als Dick Swaab, Mark Mieras en vooral Daniel Kahneman. De laatste maakt in het prachtige boek ‘Thinking, fast and slow’  een onderscheid in twee manieren van denken. Schurink neemt dit in versimpelde vorm over als tweedeling: rode brein en het groene brein.

Het rode brein reageert automatisch en verdedigend en gaat uit van bestaande structuren. Het groene brein is gericht op nieuwe oplossingen; het is het creatieve brein. In onze ‘natuurlijk toestand’ zitten we in ons rode brein. Ook het malen en piekeren doen we hiermee.

Maar, schrijft Schurink, we hebben de mogelijkheid om over te schakelen naar ons groene brein. Hiermee komen we af van het gedoe en kunnen wij beter functioneren.

Het is een aardige theorie en het boek is vlot geschreven en mooi vormgegeven. Ik vind het wel een beetje te simpel. Ten eerste is de definitie van gedoe heel erg ruim. Alles wat je dwarszit, kleine irritaties van collega's tot aan je hele opvoeding, al je eigen onvolkomenheden, de slechtheid van de mens, alles valt onder de noemer gedoe. Dit maakt zijn verhaal niet sterk. Vooral omdat hij beweert dat er kennelijk voor al deze problemen maar een en dezelfde oplossing bestaat. Ik denk dat verscheidenheid in problemen, maar ook in mensen veel groter is dan hij hier voorstelt.

Zijn bewering dat het gaat om jouw gedoe en niet om datgene wat jou irriteert, zoals een collega, vind ik te absoluut. Natuurlijk kun je naast het aannemen van een andere houding, wel degelijk iets veranderen in de wereld om je heen.

Wanneer een collega zijn werk niet goed organiseert en dit jou een hoop gedoe geeft, kun je hier los van komen door je groene brein te activeren. Maar mensen verschillen. De ene persoon kan beter zijn werk organiseren dan de ander, werkt  sneller of is gewoon slimmer. Iemand die niet kan organiseren kun je hier rustig op wijzen, of uiteindelijk ontslaan.


Gedoemanagement is een aardig boekje, maar ben je geïnteresseerd in de  onderwerpen die hij aanstipt over ons brein, dan raad ik aan om Daniel Kahneman te lezen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen