donderdag 4 juni 2026

Alex van Warmerdam – De hand van een vreemde


Alex van Warmerdam is vooral bekend als filmmaker. Ik heb al zijn tien films gezien en vind ze allemaal goed. Hij is daarnaast acteur, toneelschrijver, schilder, componist, vormgever en wat al niet. Zijn twee dichtbundels zijn prachtig, maar als prozaschrijver kende ik hem nog niet. De korte roman De hand van een vreemde is Warmerdams prozadebuut uit 1987. Net als in zijn films is het verhaal wat ongrijpbaar en licht absurd en zijn de personages vreemd. De verteller is een schilder die zich op een eiland heeft teruggetrokken om een meesterwerk te maken; wat uiteraard mislukt.

Het eiland heet St. Tomas en de schilder verblijft in een bijna leeg hotel. Iedere dag trekt hij er op uit om te schilderen, maar krijgt niet op het doek wat hij wil. Hij ontwikkelt langzaamaan een obsessie met het schilderen van de pier en gaat er zelfs ’s nachts heen om het beeld in de juiste kleuren bij nacht vast te leggen. Aan het begin van het verhaal is hij bij de fietsenmaker om zijn banden te laten oppompen. Deze lopen iedere dag leeg, dus gaat hij iedere dag bij hem langs. De rug van de man staat horizontaal, zodat hij onder een van zijn oksels door de schilder te woord moet staan. Later duikt de fietsenmaker zo nu en dan op. Ze drinken iets samen, waarbij de fietsenmaker zijn bier met een rietje drinkt. 

De schilder ontmoet in de bar van het hotel de hoteleigenaar, de heer Gézerst. Eerder hoorde hij hem al akelig lachen en hartstochtelijk hoesten, terwijl zijn jonge vriendin een grote hond in bedwang trachtte te houden. De schilder wil de ogenschijnlijk joviaal, maar bloedirritante kerel op afstand houden, maar hij wordt al getrakteerd. En als hij zegt morgen het hotel te willen verlaten biedt Gézerst hem een fikse korting aan. Hij zit klem, zowel in het hotel, als op het eiland, als met zijn schilderambities. De dagen rijgen zich aaneen. Hij probeert te schilderen, komt Gézerst tegen die al of niet dronken hem van van alles probeert te overtuigen. Hij geeft hem advies om op een andere, mooiere plek te gaan schilderen en bekent dat hij zelf ook schildert. De jonge vriendin vertoont zich ook zo nu en dan en de schilder voelt zich aangetrokken tot haar. 

De sfeer in het boek is broeierig en je weet niet waar het verhaal heengaat. Sommige dingen lijken iets te betekenen, maar wat, dat houdt Van Warmerdam bewust onduidelijk. Veel scènes zijn licht absurd, zoals de gesprekken aan de hotelbalie of met het Amerikaanse echtpaar dat hij telkens tegen het lijf loopt. Er lijkt ook een gevaar te dreigen op het eiland. Toeristen blijven weg en hij ziet boeren een aantal koeien verbranden, alsof ze een ziekte willen uitbannen. De schilder komt terecht in de verstikkende rook, waardoor zijn zintuigen in de war raken. Op den duur vertoont hij steeds vreemder gedrag en voordat hij het hotel moet verlaten overkomen hem twee cruciale dingen, zowel op het gebied van de liefde als de kunst raakt hij teleurgesteld.

Ongemerkt was ik het verhaal gaan lezen als een film. Ik voelde de vreemde sfeer en zag de scènes precies voor me. Dat maakt het een mooie roman, maar qua taalgebruik kon en hier daar wel wat scherper en misschien leende het verhaal zich wel meer voor een novelle. In zijn twee poëziebundels, die later schenen (2006 en 2014), is zijn taalgevoel in ieder geval veel beter. 


Geen opmerkingen: