dinsdag 14 juli 2015

A.L. Snijders – Een handige dromer


Dit jaar is het thema van de campagne ‘Nederland Leest’ het korte verhaal. A.L. Snijders zal een bundel samenstellen met  de beste korte Nederlandse verhalen. In november kan ieder lid van de bibliotheek een gratis exemplaar ophalen.


A.L. Snijders schrijft zeer korte verhalen (zkv’s). De afkorting heeft hij bedacht, het zeer korte verhaal bestaat al langer. En wat is een zkv? De stukjes van A.L. Snijders kun je ook columns of kronkels noemen. Hij schrijft er veel. In ‘Een handige dromer’ zijn 200 pagina’s zkv’s gebundeld uit 2009 en 2010.

Het unieke van de stukjes van A.L. Snijders is dat hij geheel vanuit zijn eigen beleving schrijft, maar dat hij vaak uitkomt op universeel menselijke onderwerpen. Een verhaal over een verkoper van stofzuigers eindigt met de gedachte van onbeheersbaarheid van maatschappijen. Een verhaal over een trekker die ’s morgens de watertank leegt besluit hij met de zin: “Ik denk met enige emotie aan de wereldgeschiedenis.”

Regelmatig voert hij een bepaald soort mannen op: standvastige types met één duidelijk doel in het leven, zoals Joost Conijn die met een Citroen DS door de Gobiwoestijn trekt. A.L. Snijders is ook een bewonderaar van Sam Rodia. De man die 34 jaar lang heeft gewerkt aan zijn torens. Het resultaat is het grootste bouwwerk dat een enkel mens ooit heeft gebouwd.

De stijl van A.L. Snijders lijkt niet heel bijzonder. Maar dat is wel zo. De stukjes zijn kort, de zinnen zijn dat niet. Hij weet op één pagina precies de juiste sfeer neer te zetten. De toon is vaak laconiek en/of berustend.

Hij vertelt over een ontmoeting in de trein, waarbij een jongen zijn kaartje niet wil laten zien. Er zitten ook twee meisjes in de coupé. Aan het eind blijkt het om een gebeurtenis van lang geleden te gaan: “ik ben 32 jaar ouder, mijn oom is dood, de conducteur zal wel gepensioneerd zijn, de jongen woont waarschijnlijk in Tibet, de meisjes zijn zeker geen meisjes meer.”

Ook mooi is het verhaal ‘Honing”. Bij hem in de buurt woont een oude man die honing verkoopt. Hij heeft hem lang geleden voor het laatst gezien. Hij koopt een potje honing. Wanneer de honing op is gaat hij terug voor een nieuw potje. De man is dood, de zoon verkoopt hem de honing. “Zo is het dus. Ik zie de man 35 jaar niet, ik koop een potje honing. Terwijl ik de honing eet, gaat hij ongemerkt dood. Het is vijf minuten fietsen. De zoon vertelt dat er drie bijenvolken zijn gestorven, er zijn er nog drie over.”

Voor november ga ik zeker meer lezen van A.L. Snijders.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen